BCS heckrunderen

Oostvaardersplassen.org

DE NIEUWE WILDERNIS?


Ontdek hier de harde werkelijkheid over dit unieke natuurreservaat in Flevoland.

 

Entdecken Sie hier die harte Realität dieses einzigartigen Naturschutzgebietes in Flevoland

Dier algemeen
Oostvaardersplassen

Ondanks dat er deze winter te weinig voedsel voor de heckrunderen was, weigerde SBB lange tijd om bij te voeren.


Omdat ik mij bezig hou met diergedrag (voornamelijk hondengedrag) weet ik dat gedrag niet van de ene op de andere dag te veranderen is, dat heeft soms heel veel tijd nodig. Hetzelfde geldt voor mentaliteitsverandering.
Dit geldt niet alleen voor dieren maar ook voor mensen, dus ook voor de boswachters en andere medewerkers van Staatsbosbeheer.

 

Naar aanleiding van het rapport van de commissie Pieter van Geel heeft de provincie Flevoland besloten het beleid in de Oostvaardersplassen faliekant om te gooien, en dat is niet voor iedereen even makkelijk.
Staatsbosbeheer, die vanaf 1996 het beheer over dit natuurreservaat heeft, heeft altijd een ‘hands-off’ beleid in de Oostvaardersplassen gevoerd. Niet ingrijpen, omdat de natuur zijn gang moest gaan, met de onterechte overtuiging dat het in de wilde natuur ook zo gaat, zij dachten dat zij oernatuur hadden gecreëerd. Zij waren er van overtuigd dat wanneer dieren in periodes van voedseltekorten stierven er een natuurlijke selectie ontstond (er is trouwens nergens in de wereld sprake van dat honger en kou in de wilde natuur dat als enige bij grote grazers voor selectiedruk zorgt), bijvoeren was volgens SBB dan ook een onnatuurlijke ingreep dat niet in hun beleid paste.


Van Staatsbosbeheer en zijn medewerkers, die jarenlang het oude beleid hebben uitgevoerd en daar ook volledig achter stonden, wordt nu opeens verwacht dat zij het totaal anders gaan doen.
Zoals ik al schreef is veranderen moeilijk, het is dan ook niet zo vreemd dat deze veranderingen niet zonder slag of stoot door Staatsbosbeheer worden uitgevoerd.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat er verschillende argumenten worden aangehaald om bijvoeren te voorkomen of uit te stellen.
Je ziet dan ook dat Staatsbosbeheer in verslagen van werkbezoeken, waarbij de conditiescores worden bepaald, zich telkens probeert in te dekken om te voorkomen dat zij moeten bijvoeren.


Volgens de commissie van Geel zou de conditiescore van de grote grazers minimaal 4 en 5 BCS (Body Condition Score) moeten zijn. In het eerste werkbezoekverslag van 27 november 2018 staat te lezen dat dit ongewenst zou zijn, SBB spreekt van pathologisch obees. Dat schreven ze in een jaargetijde dat er nog een lange periode van voedseltekorten dreigden aan te komen In deze periode zouden de dieren voldoende vetreserves moeten hebben opgebouwd om de winter te kunnen overleven. Op dat moment was de gemiddelde conditiescore van de heckrunderen 3,3. Van de 195 gemonitorde heckrunderen hadden 16 de score 2 (8,2% van het totaal aantal runderen), wat dus mager is. Vanwege de eventuele stress vond Staatsbosbeheer dat deze heckrunderen niet apart zouden mogen worden bijgevoerd.

Conditiescores heckrunderen Oostvaardersplassen

Ruim een maand later, op 2 januari 2019, wordt er weer een werkbezoek gebracht. De gemiddelde conditiescore van de heckrunderen is met 0,4 punten gedaald naar 2,9. Het aantal heckrunderen met de lage BCS 2 is bijna verdubbeld naar 30 dieren (=15,4%). Ondanks dat de conditiescore in een maand sterk gedaald is staat er in het verslag dat er volop kruiden en gras aanwezig is. Met dit argument proberen zij het publiek te overtuigen dat er nog voldoende voedsel is en geen reden is om bij te voeren.

 

Een kleine maand later, op 26 januari, is het 3de werkbezoek. Ondanks dat de gemiddelde conditiescore gedaald is naar 2,6 BCS en 87 (=41,8%) van de 208 geobserveerde heckrunderen conditiescore 2 heeft, spreekt men in dit verslag van voldoende gras van voldoende lengte, er zal volgens hen voldoende voedsel aanwezig zijn voor de grote grazers.
Wel vreemd dat de conditiescore zover is gedaald wanneer er voldoende voedsel aanwezig, maar dat wil SBB blijkbaar niet inzien.


Vanaf 26 januari zijn er om de 2 weken werkbezoeken door dierenartsen in de Oostvaardersplassen.
Op 11 februari is de gemiddelde conditiescore weer gedaald, naar 2,3. Van de 188 geobserveerde heckrunderen zijn er nu 6 dieren waargenomen in de conditiescore 1 (broodmager dus), 114 hebben score 2. Dat betekent dat maar liefst 63,8 van de totale populatie mager is te noemen. Desondanks dit durft men in het verslag nog steeds te beweren dat er voldoende voedsel voor de grote grazers aanwezig isen er geen noodzaak is om met bijvoeren te beginnen. 


Op 27 februari zou de gemiddelde conditiescore van de heckrunderen met 0,1 punt gestegen zijn naar 2,4. Er is toen wel een jonge koe van 3 jaar oud geëuthanaseerd met conditiescore 1. Het dier zou geen fitte indruk hebben gemaakt en was kortademig. Nog steeds ziet men geen noodzakelijk om bij te voeren want weer beweert men dat er genoeg kruiden en gras aanwezig zouden zijn.
In tegenstelling tot Staatsbosbeheer vonden de voergroepen het wel noodzakeleijk om bij te voeren, zij voerden de grote grazers al enkele weken bij.

 

De stijging van de conditiescore op 27 februari heeft zich niet doorgezet, ondanks dat SBB beweerde dat er genoeg kruiden en grassen aanwezig waren voor de grote grazers in de Oostvaardersplassen.
Het (illegaal) bijvoeren door de voergroepen heeft er ook niet voor gezorgd conditiescore op peil bleef of steeg. De gemiddelde conditiescore is op 19 maart gedaald naar 2,0. Van de 189 geobserveerde heckrunderen hebben er nu 14 (=7,4%) conditiescore 1. Maar liefst 157 dieren (=83,1%) hebben conditiescore 2. Slechts 18 runderen hebben nog score van 3.
Staatsbosbeheer vind het niet onlogisch dat dieren zo’n slechte conditie hebben aan het eind van de winter. Met als smoes dat er zacht weer wordt voorspeld, laten zij in het verslag weten dat er nog steeds geen noodzaak is om de magere dieren bij te voeren.

 

Toch is Staatsbosbeheer, waarschijnlijk onder de grote druk van de publieke opinie, op 20 maart begonnen met het bijvoeren van de heckrunderen. Desondanks is op 3 april de gemiddelde conditiescore iets gedaald van 2,0 naar 1,8.
Van de 189 gecontroleerde heckrunderen hebben nu maar liefst 53 dieren (dat is 28% van het totaal) conditiescore 1, deze zijn dus broodmager. 130 Dieren (68,8%) hebben score 2, mager dus. Slechts 6 dieren (3,2%) hebben conditiescore 3. Men verwacht geen verdere daling van de conditie met de aankomende lente in zicht en de daarbij gepaard gaande grasgroei.

 

Maar deze voorspelde grasgroei is blijkbaar niet voldoenden, want 2 weken later, op 17 april, de gemiddelde score weer licht gedaald naar 1,7.
Van de 218 gecontroleerde heckrunderen hebben 72 dieren (=33,0%) score 1, 133 dieren (=61,0%) hebben score 2.


Er zijn op dat moment 12 kalveren geteld. Deze zogende kalveren onttrekken veel voedingstoffen uit de moederdieren, wat voor een sterke afname kan zorgen voor de condities van deze moederkoeien. Moederdieren zouden in deze tijd van het jaar voldoende vet en voedsel moeten hebben om melk voor hun kalveren te kunnen produceren, maar de bodem van de Oostvaardersplassen geeft nog onvoldoende voedsel voor de grote grazers.

De plantengroei dat normaal in deze tijd van het jaar voldoende zal moeten zijn, kan in de Oostvaardersplassen niet op gang komen, door jarenlange overbegrazing en door overbevolking is de bodem door de hoeven van de grote grazers zo erg vertrapt dat deze niet snel genoeg kan zorgen dat de vegetatie wordt hersteld.


Staatsbosbeheer is in het verslag van 17 april (eindelijk) wel tot de conclusie gekomen dat het hooi volgend jaar van een iets rijkere samenstelling mag zijn. Hopelijk komen zij ook tot de conclusie dat er de komende jaren veel eerder zal moeten worden bijgevoerd, zodat de meeste dieren in goede conditie de winter doorkomen. Het is waarschijnlijk aan de voergroepen te danken dat er tot nu toe maar 1 heckrund het einde van de winter niet heeft gehaald. Het is niet aan het nieuwe beleid en Staatsbosbeheer te danken dat bijna alle heckrunderen deze winter hebben overleefd, waarschijnlijk zouden er veel meer dieren zijn doodgevallen als de voergroepen niet in actie waren gekomen. 

 

Dat Staatsbosbeheer het nieuwe beleid niet vol overtuiging zou uitvoeren was bij voorbaat al te verwachten. Daarom had de provincie er beter op moeten toezien dat het nieuwe beleid juist werd uitgevoerd, maar dat heeft de provincie verzuimd, deze heeft zich te veel laten leiden door Staatsbosbeheer.
Het is ook niet echt verwonderlijk dat het zo gelopen is, want dierenwelzijn heeft nog steeds geen prioriteit bij de meeste statenleden. Wanneer je het afgelopen jaar de meeste Statenvergaderingen in het provinciehuis van Flevoland hebt gevolgd, dan heb je kunnen waarnemen dat de overgrote meerderheid van de statenleden het heel weinig interesseert wat er in hun achtertuin, de Oostvaardersplassen, afspeelt. Helaas zijn de dieren de dupe van deze laksheid van de provincie.

 

 

Alle verslagen van werkbezoeken van de wildlife dierenarts zijn op de site van Staatsbosbeheer te vinden, klik hier om naar deze verslagen te gaan.

 

U kunt ons ook volgen op Facebook of op Twitter

 

© Copyright Oostvaardersplassen.org. Overname van (gedeeltelijke) teksten en afbeeldingen is niet toegestaan! Het delen van links op sociale media of websites wordt erg op prijs gesteld.

Meer interessante artikelen:


Vindt u dit artikel de moeite waard? Deel het dan op sociale media.

Anticonceptie in de Oostvaardersplassen met een PZP-vaccin
Heeft de beleidslijn van de provincie Flevoland over het bijvoeren van de grote grazers in de Oostvaardersplassen werkelijk als doel het dierenwelzijn te verbeteren? Wanneer men het beleid over het bijvoeren van konikpaarden, heckrunderen en edelherten kritisch doorleest, dan lijken andere motieven dan het dierenwelzijn de boventoon te voeren.
Frans Vera vertelt vol trots dat hij illegaal konikpaarden en heckrunderen heeft uitgezet in de Oostvaardersplassen. Het 'hands-off' beleid zorgde ervoor dat de grootste doodsoorzaak bij de grote grazers de hongerdood werd, Dit is een fragment uit de Canadese documentaire “Manufacturing the Wild” uit 2015.
Speciaal voor Frans Vera, Han Olff, Partij voor de Dieren, Dierbaar Flevoland en anderen die geloven in het fabeltje dat er sprake is van oernatuur en natuurlijke processen in de Oostvaardersplassen.
Het afschieten van de 1830 edelherten in de Oostvaardersplassen verloopt chaotisch. De edelherten worden door de boswachters van SBB alle kanten opgejaagd. Ook de konikpaarden zijn gestrest.
In de Statenvergadering van Flevoland zijn diervriendelijke moties over de Oostvaardersplassen weggestemd, zelfs door de PvdD. Men kiest voor het afschieten van de edelherten. Hierdoor is er een massaslachting in gang gezet.
De Oostvaardersplassen (OVP) zijn van oorsprong een vogelgebied. Vanwege de vele vogels, waaronder vele zeldzame vogels, is dit natuurgebied aangewezen als Natura 2000-gebied. De OVP is niet aangewezen als natura 2000-gebied vanwege de grote grazers!  De grote hoeveelheden konikpaarden, heckrunderen en edelherten hebben er voor gezorgd dat veel struiken en plantensoorten zijn verdwenen, dit heeft een negatieve invloed op de vogelstand
In de Oostvaardersplassen waren omstanders getuige hoe een boswachter van Staatsbosbeheer de onderkaak van een edelhert aan flarden schoot. Vervolgens reed de schutter zonder naar het creperende hert om te kijken weg. Het dier heeft hierdoor onnodig lang moeten lijden. Geen enkele aanwezige boswachter bekommerde zich over het pijnlijdende hert.
In de Oostvaardersplassen worden de populaties konikpaarden, edelherten en heckrunderen niet op een natuurlijke manier gereguleerd door predatoren zoals wolven, waardoor er een overpopulatie is ontstaan. Er zijn mensen (ja zelfs ecologen) die denken dat het uitzetten van wolven in de Oostvaardersplassen de oplossing kan zijn.
De bedenkers van Oostvaardersplassen en SBB vergelijken de OVP vaak met de Serengiti. Maar zijn de Oostvaardersplassen daar wel mee te vergelijken?
De bedenkers en de beheerder SBB brengen het zo alsof de Oostvaardersplassen één groot paradijs is. Ze beweren dat dit oernatuur is. Maar de werkelijkheid is het een incompleet ecosysteem met veel dierenleed.
De bronstperiode vergt veel van de mannelijke edelherten in de Oostvaardersplassen. Tijdens de bronst eten de mannetjes nauwelijks iets. Na de bronst kan het lichaamsgewicht wel tot 30% zijn afgenomen. Er zal dan ook veel voedsel aanwezig moeten om voldoende vetreserves op te bouwen voor de winter. Na de bronst wil provincie Flevoland 2/3 van de edelherten af gaan schieten, wat gepaard gaat met veel stress.
Persbericht dat de gedeputeerde staten van de provincie heeft gepubliceerd over het bijvoeren van de grote grazers in de Oostvaardersplassen

WEBWINKEL

Natuur in Mensenhand - Martin Drenthen
Natuur in Mensenhand - Martin Drenthen
Bestel hier
Heibel in de Polder -  Roelke Posthumus
Heibel in de Polder - Roelke Posthumus
Bestel hier
Onder dieren - Ton Lemaire
Onder dieren - Ton Lemaire
Bestel hier
Speld in hooiberg, Oostvaardersplassen